Verpleegkundige Céline: “Ik dacht: ik ben maar een kleine druppel in de emmer. Maar samen maken we een oceaan.”
Negen weken lang ruilde verpleegkundige Celine Devreese (32) haar vertrouwde afdeling traumatologie en vaatchirurgie in AZ Delta Roeselare in voor het ziekenhuisschip Global Mercy in Sierra Leone. Wat begon als een tip van een vriendin, groeide uit tot een ervaring die haar kijk op zorg en op het leven veranderde. We spraken met Céline over haar dromen, uitdagingen en een klein meisje dat ze nooit zal vergeten.
Van Lichtervelde naar Sierra Leone
“Ik ben Celine, 32 jaar, en werk al ongeveer negen jaar als verpleegkundige. Thuis in Lichtervelde wachten mijn twee katten op mij,” lacht ze. Haar avontuur met Mercy Ships begon onverwacht. “Een vriendin stuurde mij een link door nadat ze een advertentie had gezien. Ze zei meteen: dit is echt iets voor jou. En eigenlijk voelde dat ook zo.”
Toch lag de kiem al veel eerder. “Tijdens mijn buitenlandse stage in Gambia, tien jaar geleden, ontstond mijn droom om mij ooit als vrijwilliger in Afrika in te zetten. Die ervaring heeft mijn blik enorm verruimd. Toen ik Mercy Ships leerde kennen, voelde ik dat hun missie perfect aansloot bij mijn waarden.”
Leven en werken op de orthopedische afdeling van Mercy Ships
Celine ging negen weken aan boord als verpleegkundige op de orthopedische afdeling. Haar werkweek zag er anders uit dan thuis in Roeselare. “Je draait vroege, late- en nachtshiften, ook in het weekend. Maar net daardoor had ik soms een vrije dag in de week, en dan gingen we samen het land verkennen. En dat was een avontuur an sich.”
Op de afdeling zelf werkte ze nauw samen met de lokale daycrew. “Zij hielpen met de noodzakelijke vertalingen en praktische zaken. Zonder de daycrew kunnen we maar de helft van het werk doen. Ze zijn echt onmisbaar.” De werkwijze was wel even aanpassen.“Alles gebeurde nog op papier en sommige medicatie had een andere naam. Tijdens de eerste shifts kregen we gelukkig een uitgebreide oriëntatie en iedereen was zo toegankelijk en behulpzaam dat ik me snel thuis voelde.”
Het verhaal van Hawanat
Tussen de vele patiënten is er één meisje dat haar altijd zal bijblijven: Hawanatu, zes jaar oud. “Ze had een mentale beperking en kon niet praten. Haar mama sprak geen Engels, dus communiceren was vaak zoeken naar manieren om elkaar te begrijpen, met hand en tand zeggen ze dan zeker? Gelukkig kon de daycrew helpen of probeerden we ons te behelpen met gebaren.”








